donderdag 18 augustus 2011

New Haven, Yale University en eindelijk een echt lekkere pasta, 17 augustus

Na alle nattigheid en ontberingen besluiten we dat het tijd wordt voor twee nachten hotel, zodat we onszelf en onze kleding weer eens lekker kunnen wassen en in een echt bed kunnen slapen. Via een foldertje met hotelaanbiedingen - overal langs de snelweg te krijgen en een aanrader om bij je te hebben - valt de keus op Courtyard by Marriot in New Haven. Deze plaats hadden wij in ons reisplan bedacht als handige uitvalsbasis voor een bezoek aan New York, maar ook vanwege het karakter als typische universiteitsstad: New Haven huisvest al sinds jaar en dag Yale University.

Courtyard by Marriot: we hebben al meerdere keren in hotels van dit concept gelogeerd en het is gewoon altijd goed. Uitstekende prijs-kwaliteit verhouding, gewoon een lekker hotel. Helaas is er maar voor één nacht ruimte voor ons, dus zullen we de volgende dag moeten improviseren waar we verblijven en hoe we dat inpassen in ons geplande bezoek aan NYC.

New Haven is een stijlvolle en hippe stad. Logisch, want de universiteit laat overal zijn invloed achter. Er zijn leuke, vlotte winkels, volgens de jongens en onszelf zelfs de leukste van deze reis en overal zijn sfeervolle eettentjes en barretjes. We eten bij “Basta”, waar we een spaghettischotel bestellen. Eerst met enige reserve, want na 3 weken zijn we op onze hoede hoe Amerikanen zelfs de meest eenvoudige gerechten weten te verprutsen. Maar eerlijk is eerlijk: de pasta en de saus die we proeven is zo on-Amerikaans dat het lijkt alsof we ergens in Italië zitten. Deze maaltijd komt op plaats één (gelijke plaats met de zalm van de jongens uiteraard).



’s Avonds bedenken we ons alternatief. We gaan kamperen op Floyd Bennet Field in de National Gateway Recreational Area aan de kust van New York (Brooklyn). Vlakbij loopt een metrolijn die ons vast in no-time tot midden in Manhattan zal brengen. De website van Reserve America belooft ons een unieke locatie, met de stad onder handbereik. Dat belooft wat…

dinsdag 16 augustus 2011

Cape Cod

Onderweg van Boston naar Cape Cod bezoeken we Plimoth Plantation, een soort openluchtmuseum dat de geschiedenis vertelt van de eerste Engelsen die hier in de 17e eeuw aan land kwamen met de Mayflower II en hun kennismaking met de lokale bevolking (Wampoanaog indianen). Het museum bestaat uit een indianendorp en een Engelse nederzetting. Acteurs vertellen de geschiedenis. Het was een leuke en leerzame ervaring.



Cape Cod is een schiereiland.met mooie stranden. Het is hier behoorlijk toeristisch. Toen we aankwamen op Nickerson State Park stond er dan ook een bordje dat de camping vol was. Oeps…. toch maar proberen of er voor 2 tentjes toch nog een plekje is. En gelukkig was dat geen enkel probleem. Sterker nog, er zijn hier nog veel plekken leeg en we vermoeden dat ze gewoon het bordje vol zijn vergeten weg te halen. Het weer is dan ook niet zo heel mooi meer, waarschijnlijk is dit onze redding wat een plekje betreft. Het is dus zeker aan te raden om hier wel wat te reserveren. Het is een grote camping, waar je ook bootjes en kano’s kunt huren en fietsen voor een tochtje door de mooie omgeving.





We hebben een prachtig ruime plek, er passen nog wel 20 tentjes bij, en hebben de picknicktafel onder een paar bomen gezet zodat we een zeil konden spannen waaronder we kunnen zitten. Het is niet echt erg regenachtig maar soms vallen er een paar druppels. Het is dan wel fijn om niet direct alles hals over kop in de auto te hoeven proppen. Dat onze vooruitziende blik ruimschoots zou worden beloond wisten we bij het maken van deze overkapping nog niet. Je wordt van zo’n grote camping zonder beren in de buurt ook wel weer iets te gemakkelijk: een eekhoorn heeft zich ‘s nachts ons brood toegeëigend.

Dag 2 op Cape Cod begint een beetje miezerig. We besluiten eerst een rit door de omgeving te maken om wat mooie vuurtorentjes te spotten, aan zee te kijken en Provincetown te bezoeken. We kunnen dan ’s middags nog een fiets huren, want dan klaart het vast wel weer op.

Over Provincetown valt veel te schrijven, maar dat doen we hier maar niet. We willen het blog wel graag positief houden. Laten we het er maar op houden dat het niet aan de regen ligt, die inmiddels met bakken naar beneden komt. Dan maar op zoek naar die leuke vuurtorentjes.

Het begint die middag steeds harder te regenen, de slagregen is op een goed moment zelfs onophoudelijk en ook boven de oceaan zie je bijna niets meer. Als je uit de auto stapt regen je binnen een seconde helemaal doornat. Het ziet er onheilspellend uit. We beginnen ons zelfs voorzichtig af te vragen of en hoe onze tentjes het noodweer doorstaan. Onderweg kopen we een krantje en zien we dat New York City – toch niet echt heel ver weg – is ondergelopen. De vooruitzichten zijn gelukkig vrij redelijk.



Om een lang verhaal toch een beetje kort te houden: we hadden een eigen zwembad voor de tent, maar voor de rest viel de schade reuze mee.


zondag 14 augustus 2011

Boston


Na een eerste poging om met de metro naar de stad af te reizen (de metro/ trein rijdt eens in de 3 uur) parkeren we de auto bij het metrostation in Quincy centre en nemen we we van daar uit de metro naar Park waar de Freedom trail begint.

Het is onverwacht warm en het begin van de trail is erg druk maar al gauw wordt het een rustige wandeling van 5 kilometer door Boston. Boston is een mooie historische stad, gesticht in de 17e eeuw. Veel Europese invloeden. Prachtige jugendstil gebouwen die aanleunen tegen en integreren met moderne hoogbouw. We wandelen door de mooie Italiaanse wijk met de vele eettentjes en mooie geveltjes en steken de Charles river over om naar Bunker Hill te wandelen.




We nemen de metro terug naar het centrum (nog een extra stevige wandeling) en gaan weer terug naar het centrum waar we nog wat winkelen.

Om half 8 zijn we terug op de camping, we hebben geen voeten meer over maar zijn meer dan tevreden over het verloop van de dag. Boston is een echte aanrader !

Salem, 12 augustus

Zelfs met navigatie in de auto is het nog een hele toer om door Boston te rijden. Het verkeer is druk, rommelig, de wegen en kruisingen erg onoverzichtelijk, kortom zenuwslopend. Toch slaagden we er in aan te komen in Salem, bekend vanwege de heksenvervolgingen in de 17e eeuw.





Salem is een toeristisch dorp dat helemaal in het teken staat van ‘witchcraft’, hekserij. De heksenjacht begon hier in 1693 toen twee meisjes voodoo leerden van de uit Barbados afkomstige hulp van het gezin. Voor de hulp de normaalste zaak van de wereld, maar de meisjes wisten dat het not done was binnen de christelijke kring waarbinnen zij verkeerden. Toen de meisjes vreemd gedrag gingen vertonen werden er verklaringen gezocht. Er werd geen oorzaak gevonden en dus moest het wel het werk zijn van de duivel. Met name de vertegenwoordigers van de duivel zouden dan heksen zijn. Hiermee werd de hysterie ingeleid, die 19 levens heeft geëist en 200 veroordelingen wegens hekserij. De plekken die geschiedkundig interessant zijn, zijn helaas in de jaren ’60 verloren gegaan. Op de plek waar de slachtoffers werden opgehangen staat nu een Dunkin’ Donuts. Met op de parkeerplaats een bescheiden verwijzing naar de geschiedenis.






We hebben een wat vaag museum bezocht, waar de hele geschiedenis met decorstukken en poppen werd uitgebeeld. Hierna een ijsje gegeten en wat winkeltjes bezocht met heksenpulletjes en toen hadden we het wel gezien.

De jongen hebben vanavond een lekkere maaltijd gekookt met op de huid gebakken zalm, hash brownes en verse broccoli. Daarna geprobeerd om een bioscoop op te starten met de laptop, maar die is echt te oud aan het worden om een nieuwe DVD af te spelen.

vrijdag 12 augustus 2011

Op weg naar Boston en een bezoek aan Canterbury Shaker Village, 11 augustus

We zijn aangekomen op Wompatuck State Park op steenworp afstand van Boston, waar we met onze tenten in het bos staan. We kamperen hier voor maar 17 dollar per nacht en daar is zelfs stroom bij inbegrepen. Met uitzondering van Dewolf SP zijn onze ervaringen met kamperen in de State Parks prima en ook hier is alles netjes in orde.

Toen we gisteren onderweg waren hebben we een bezoek gebracht aan Canterbury Shaker Village, waar we zeer van onder de indruk zijn geraakt.



De Shakers is een religieuze gemeenschap van monniken en nonnen, die van oorsprong uit Engeland kwamen en daar bekend stonden als Quakers. Zij zijn zelfvoorzienend en erg vooruitstrevend: zij geloven in iets terug doen voor de wereld, waarbij de technologie ze kan helpen. De Shakers zorgden er voor dat ze goed geïnformeerd waren over alle ontwikkelingen in de wereld: ze lazen kranten en hadden en uitgebreide bibliotheek. Zij waren in de 19e eeuw dan ook meestal de eersten die konden beschikken over stoommachines, elektriciteit en de andere grote uitvindingen van die tijd. De groepen geloven sterk in gelijkwaardigheid van ras en sexe en hebben een pacifistische levensovertuiging. De gemeenschappen namen de zorg op zich voor weeskinderen en ook eenoudergezinnen sloten zich bij de gemeenschap aan. Op oude foto’s dachten wij eerst grote gezinnen te zien, maar dat bleek dus niet zo te zijn. Naast zelfvoorziening dreven zij ook handel met de ‘outside world’.

In Shakers Village is in 1992 de laatste bewoonster overleden. Omdat de Shakers zelf hadden zien aankomen dat hun gemeenschap hier op een dag zou ophouden te bestaan, hebben zij ook zelf het initiatief genomen hun dorpje een museale bestemming te geven. Het wordt met heel veel zorg en liefde in stand gehouden. Enthousiaste vrijwilligers kunnen heel veel vertellen over de Shakers en dat doen ze dan ook graag. Wij hebben hier echt wat opgestoken over deze bijzondere en inspirerende gemeenschap.

Hoewel de groep maar uit zo’n 150 mensen bestond, waren er veel voorzieningen: een eigen naaiatelier, een timmerfabriek, een brandweerkazerne, een piepklein ziekenhuisje met operatiekamer, een bibliotheek. Shakers stonden bekend om hun gezonde levensstijl en werden, zeker voor die tijd, zeer oud.

Opvallend vonden wij de mooi gedecoreerde wanden in de timmerfabriek en op de wanden van de brandweerkazerne. Een vrijwilliger legde ons uit dat de platen van tin waren en dat deze vinding was bedoeld om bepaalde ruimten en gebouwen brandwerend te maken. Tegenwoordig weten wij dat dit juist niet zo handig is, omdat je bij een brand dan eigenlijk het effect van een oven krijgt met kans op backdraft als de ramen springen. De toepassing zegt wel iets over het grote vernuft waarmee de Shakers zochten naar allerlei innovaties.



Het is het omrijden meer dan waar geweest en – vergeleken met Amish House and Village in Lancaster – zeer authentiek.

donderdag 11 augustus 2011

White Mountains National Forest 10 augustus

Regen en onweer. Wat doe je als je in twee kleine tentjes aan het kamperen bent en het is slecht weer? Dan ga je niet kanovaren en ook geen trails lopen. Dan ga je winkelen in het dichtstbijzijnde outlet centre. Daar hoef je dus niet voor naar Amerika als je in Lelystad woont en Batavia Stad om de hoek hebt, wat overigens veel mooier is dan Settlers Outlet waar we terecht zijn gekomen.

We rijden via het plaatsje North Conway en waar we eerder op de dag vrijwel niemand tegen kwamen, komen we hier acuut in de file terecht. Het is een toeristische wintersportplaats, die ook in de zomer blijkbaar erg in trek is.

Na ons winkelavontuur willen we wel even met het treintje naar boven op Mount Washington, de hoogste berg in het noordoosten. We komen er achter dat een ritje maar liefst 62 dollar per persoon kost. We vinden dit een onwaarschijnlijk hoge prijs en besluiten om niet de berg op te gaan.

Als klap op de vuurpijl vergeten we ons avondeten in de Wal Mart, dat in een tasje bij de kassa blijft hangen. Veel was het toch al niet, want deze winkel blijkt geen groente- en fruitafdeling te hebben (!). We eten wat we nog hebben, met twee chagrijnige pubers opgepropt in een van de kleine tentjes tijdens een fikse onweersbui. Gelukkig hebben we de whiskey nog…

We maken van de nood een deugd door in een snikhete laundry wasjes te doen, terwijl de jongens buiten onder het afdak op een schommelstoel zitten en proberen op facebook contact te leggen met iedereen in Nederland die slaapt.

Via Vermont naar New Hampshire (White Mountains National Forest) 9 augustus

Omdat het vanuit de omgeving van Lake Placid naar de White Mountains wel een flink stuk rijden is, besluiten we de rit in twee etappes te verdelen: Zo kunnen we een tussenstop inbouwen bij de ijsfabriek van Ben en Jerry’s, die door publiek kan worden bezocht.

We doen mee met een rondleiding (kje) door de fabriek, wat overigens niet duur is en je krijgt nog klein gratis ijsje ook. Een knap staaltje marketing en de ohhh en ahhh’s van de Amerikanen zijn weer niet van de lucht. Wij als nuchtere Hollanders bekijken het met verbazing en moeten er eigenlijk wel om lachen.


Bij het vervolg van onze rit kwamen we vlak achter een vreselijk ongeluk een tijdje stil te staan, totdat een State Trooper ons kwam vertellen dat we beter konden omkeren en een andere route konden nemen. Toen hebben we zowaar nog off road gereden met de auto, die daarvoor totaal ongeschikt is. De dag eindigt bij Twin Mountain Campground.